Hard Gras - interview Robin van Persie
Als ik de sportschool van Fysiomed aan de Stadhouderskade in Amsterdam binnenkom, is Robin aan het opdrukken. Het is een loodzware oefening. Met zijn voeten los van de grond duwt hij zich, in volle lengte op twee armsteunen leunend, twaalf keer op tot zijn armen helemaal gestrekt zijn en weer zakken. Hij wordt bijgestaan door de Italiaanse fysiotherapeut Carlo Tosi. Leo Echteld is weg met het Nederlands elftal. Overal in de zaal werken mensen aan hun conditie: fietsend, lopend of werkend met gewichten in Nautilus-machines. Robin wijst op een meisje wier manifeste beenspieren schulgaan onder een spiegelgladde huid: 'Zij hockeyt samen met mijn nichtje bij Laren.'Hij moet lachen: een bij Laren hockeyend nichtje. Hoe vind je dat?
Dag in dag uit van 's morgens vroeg tot laat in de middag werkt Robin hier aan zijn herstel. We lopen naar een behandelkamer. Ik kijk naar het litteken op zijn voet. Het is een centimeter of acht lang, de zwelling is bijna weg. Carlo meet de vetpercentages. Hij schrijft het cijfer 3 op. De weegschaal zegt 77 kilo. Van Persie moet op de grond gaan zitten, zijn benen gestrekt in de sit and reach box, een apparaat om de lenigheid te testen. Hij drukt zijn voeten tegen twee ijzeren kleppen en buigt voorover om een schuifje zo ver mogelijk weg te duwen. 36 noteert Carlo Tosi.
'Ik slaap vanavond hier,' zegt Robin. 'Vrijdag was ik zo moe dat ik op de A4 bij Roelofarendsveen bijna in slaap ben gevallen. Ik was echt effe weg, ging zo naar rechts. Ik ben naar een tankstation gereden om wat rust te pakken en een Red Bull te drinken. Dat liep echt uit de hand. Nu slaap ik hier in dat hotel om de hoek. Morgen om half negen weer aan de bak.'
Hij loopt de zaal in voor een conditietest op de fiets. Ook dit is geen freewheelen. Als hij er na een minuut of tien afkomt, heeft hij een hartslag van 160. Het stemt tot tevredenheid. Ik vraag hem of hij van plan is om straks bij Aresenal dit soort krachttrainingen te blijven doen. Dat is hij vast en zeker. Twee keer per week gaat hij op deze manier aan zijn conditie werken. Ik noem de naam van Zlatan, maar volgens Tosi hoeft krachttraining niet ten koste van de snelheid te gaan als hij maar wordt gecombineerd met snelheidstraining. 'Taptaptaptap', zegt hij en maakt een manuaal van denkbeeldige voeten. Intussen drukt Robin in een Nautilus-apparaat met zijn benen gewichten weg. Ik vertel dat ik het met Kees Jansma over zijn fameuze tafeltennismatch met Van Basten heb gehad. Robin begint te stralen.
'Ja, hij was erbij. Al die gasten stonden te kijken. We moesten eigenlijk om half zes trainen, maar het potje was nog niet af.' 'Tegen wie?' vraagt een jongen op een loopband. 'Tegen de trainer. Hij is goed, man', zegt van Persie met dat onbeschrijfelijke accent geboren uit de ontmoetingen op straat tussen Surinamers, Marokkanen en Nederlanders, een accent dat het verschil tussen Rotterdams en Amsterdams met gemak overbrugt.
'Wat is zijn kwaliteit?' vraagt de jongen. 'Topspin. Met forehand en backhand. Altijd aanvallen, man.' 'Weet je wie ook goed is? Boulah,' zegt de jongen. 'Sla ik weg. Hij is bij me geweest in Londen. 7-0 voor mij. Hij wilde steeds een nieuwe partij,' 'Dan ben je echt goed, man. Want Boulah is goed', zegt de jongen.
'Ik heb zo'n hele zware kapservice.' Robin gaat helemaal naar achteren hangen om hem voor te doen. 'Die bal sprong bij hem alle kanten op.' Van Persie kijkt naar zijn voet en trekt een grimas. Dan wendt hij zich tot Carlo Tosi. 'Hoe lang blijf ik die pijn houden? Leo zegt misschien wel anderhalf jaar. Als ik 's morgens wakker word heb ik pijn. Mario Melchiot heeft deze blessure ook gehad en die heeft nog maanden last gehouden.' Tosi mompelt iets van een paar maanden en dat elk geval individueel is. Robin begint te lachen, allang aan iets anders denkend. 'Goed, he, Mario. Die is nou voor de vierde keer transfervrij. En wel vijf jaar bij Chelsea in de basis, he? Die heeft echt alles uit zijn carriere gehaald wat erin zat.'
Er komt een blonde vrouw binnen. Ze zegt Robin gedag en spoort hem aan snel weer beter te worden. Volgens haar hebben ze hem zwaar gemist de avond tevoren in die bar slechte wedstrijd tegen de Roemenen. 'We hebben niks gecreeerd', beaamt hij. De vrouw loopt een behandelkamer in. Ik vraag wie zij ook alweer is. Kim Lammers, de spits van het Nederlands hockeyteam. Ze wordt hier behandeld door de fysiothereapeut van Laren, een jongen die ook Kim Lammers heet. Robin heeft er nog niet bij stilgestaan dat dit verrassend grappig is. We praten weer over Arsenal, zoals een week geleden ook al de hele avond. Zodra het over voetballen gaat, spat de passie er bij hem vanaf.